1975-1985

De periode 1975-1980

Bertus Keijzers en Pieter van Leeuwen zijn bouwers van het eerste uur. In de beginjaren worden zij bijgestaan door o.a. Jan Fens, Rien van Schijndel, Cees Riool, Jan van Seeters, Henk Luijbregts en Paul Marcelissen. Zij ondersteunen de missie van oprichters Jan en Jo Kuijpers met al hun wilskracht en ontfermen zich over het maken van de prinsenwagen. Een taak van De Faant, omdat zij de eerste 5 jaren het overkoepelende orgaan zijn. Het liefste had Jan Kuijpers gezien dat er twee wagens gebouwd werden, naast de Prinsenwagen ook nog een wagen voor de club. 'Zo gek hèd ie oons dèrrem nooit gekrege' zeggen Bertus en Pieter in koor. Want de omstandigheden waarin ze carnavalswagens maakte waren soms bar en boos. In een tochtige ijskoude rietmattenschuur van de Fam. Hakkens op het Sandoel zien ze nog net geen ijsberen. De vrieskou zorgt voor sterretjes in de verf, die er bij dooi met liters tegelijk weer afloopt. ‘Nun berrig mee erremoei’, zo omschrijft Bertus die periode. In een hal van McKenzie Hill wordt een prinsenwagen, gekocht in Rijen voor duizend gulden, (450 Euro) opgeknapt. Jos Romme heeft er met zijn handelsinstinct nog 100 piek af kunnen praten. Het mechanisme van de wagen is afhankelijk van de wielaandrijving. Op de Maasdijk, als de tractor te snel op weg is naar de optocht, breekt het mechanische gebeuren en zal alles stil moeten blijven staan. Met heteluchtkanonnen wordt er eens in de schuur van Willem van Laarhoven getracht het drogen te versnellen. Dat gaat de hele nacht door. Uiteraard moet er vanwege brandgevaar steeds iemand bij blijven. Pieter lost Bertus af en die wacht op zijn beurt weer op Jan Kuijpers. Als die niet op komt dagen, vermoedt Pieter dat Jan wel in slaap zal zijn gevallen. Hij besluit in het holst van de nacht eens bij Jan langs te lopen. Het tafereel wat hij daar aantreft is aandoenlijk en staat wellicht symbool voor het idealisme van Jan en Jo Kuijpers. Zij zijn snoepzakjes aan het inpakken voor het snotpinnekesbal. Jan was de tijd uit het oog verloren en had Pieter daardoor nog niet afgelost.

1981

Sesamstraat

Onafhankelijk werd De Faant pas vanaf 1981. In dat jaar werd voor het eerst als zelfstandige vereniging meegedaan aan de optocht. Een groepje enthousiastelingen maakt in de schuur van Willem van Laarhoven onder aanvoering van Jan en Annie van Seters een wagen met als thema: Sesamstraat. Er wordt in de voorbereiding hard gewerkt met een 6e plaats als resultaat. Dat zij daarmee een start maken voor een roemruchte bouwhistorie zullen ze op dat moment nog niet hebben beseft.

1982

Napoleon naar Den Hout

Napoleon Bonaparte trok in zijn turbulente leven langs vele wegen op weg naar nieuwe veldslagen. De in 1982 gemaakte wagen met Napoleon als blikvanger zorgde voor een 'histoire repete'. Na de zondagse optocht in ut Faantelaand toog hij op maandag naar Den Hout om daar deel te nemen aan de stoet. Een onderneming die voor diverse bouwers aanvoelde als een extra werkdag. Nooit is een Faant nog op het idee gekomen elders mee te doen. Overigens behaalde Napoleon daar een historische uit overwinning. De eerste prijs, zijnde een enveloppe met 60 gulden (27 Euro) werd in pakweg 30 seconden omgezet in bier, nadat voorzitter Bertus Keijzer op haast keizerlijke wijze het doe-maar-een-rondje-gebaar had gemaakt.

Nieuw onderstel

Cv de Faant kocht in 1982 haar eerste grote wagenonderstel om daar in de optocht van 1983 voor het eerst mee te rijden. Dit grote onderstel zou samen met het kleine onderstel waar de faant samen met Sjaak Sneijers eigenaar van was tot 1997 worden gebruikt, toen werd het huidige onderstel door de leden gemaakt.

1983

Dansmarieke

De creatie met het dansmarieke mocht er ook wezen, een prachtige creatie die mee zou gaan doen om de prijzen, de bouwers voelden het aan, hun gevoel werd ondersteund door de reacties van het publiek tijdens de optocht. De spanning liep naarmate de prijsuitreiking dichterbij kwam flink op. Het speculeren kon beginnen. Voor het eerst in de historie kon de eerste prijs worden gepakt. Ze twijfelden daar eigenlijk niet aan. Er was immers zoveel vooruitgang geboekt, dat na de wagen ‘Sesamstraat’ die in 1981 was beloond met een 6e plek en na ‘Napoleon’ die in 1982 op de derde plaats zijn Waterloo vond, nu met dit mooie kunstwerk de troon zou worden bestegen. Toen in de bomvolle, dampende Zaal Verschuren CV de Reutefleutes als nummer drie werd afgeroepen, werd de spanning bijna ondraaglijk en sloegen de twijfels alsnog toe. Een tweede plek kon natuurlijk ook nog. De Leuthappers hadden immers ook een mooie wagen. De op het Sandoel gezetelde carnavalsclub had niet voor niets al twee jaar achtereen de eerste prijs in de wacht gesleept. Een ontlading van vreugde barstte los bij de bouwers bij de bekendmaking van de tweede prijs voor de Leuthappers. Het ‘Heya De Faant’ barstte los en hield nog dagen aan. Bertus Keijzers haalde de prijs op en een lange blijde stoet vertrok richting zaal Boelaars. Onderweg werd uit de schuur van Willem van Laarhoven nog ‘het dirigentje’ gehaald. Een creatie die op de wagen had gestaan. Deze carnavalspop zou nog twee dagen worden meegeleurd om door elke Faant op handen te worden gedragen.

Multifunctionele narrenkop

De narrenkop van 1983, de dubbelzijdige januskop is er eentje met een apart verhaal. Al tijdens de bouw ervan viel het besluit deze kop dusdanig groot te maken dat deze van binnenuit meteen kon fungeren als cabine van waaruit de de bewegingen konden worden geregeld. Aldus geschiedde. Henk Luijbregts, Henk en Anton van den Kieboom kropen in de nar en zorgden vanuit hun ongeriefelijke situatie o.a. ook voor de aandrijving van het dansmarietje. Dit ging heel primitief met waslijntjes. Enige paniek was er toen op Het Heereplein een van de koppen al stil stond. Maar gelukkig stond ie op de krantenfoto naar de goeie kant gedraaid. Zo krom als een hoepel kwamen de drie mannen van de mechaniek uit de ‘capsule’. Diezelfde narrenkop werd door Raamsdonker en wagenbouwer Peet Koopmans (of was het Sjef Verschure?) gekocht om vervolgens nog jarenlang te worden gesignaleerd in de optocht van Den Haaykaant. Nadat ie zowat in alle kleuren was terug gekomen, is hij uit ons gezichtsveld verdwenen.

1984

“Carrus Navalis“

Het jaar daarop, 1984, wilden de bouwers de titel graag prolongeren. Jan van Seters, Jos Marcelissen en Jan Marcelissen hadden in Hilvarenbeek een carnavalsexpositie bezocht en waren daar op een geweldig idee gekomen. Eerstgenoemde Jan had de andere twee enkele jaren daarvoor overgehaald bij de club te komen en dat betekende voor de Faant een enorme creatieve injectie. Want ook Paul Marcelissen, die al enig scheppingsvermogen had getoond in de beginjaren, werd nu definitief over de streep getrokken. Vooral Jos laat meteen zien over tal van creatieve talenten te beschikken. “ Wat zijn ogen zagen, maakten zijn handen in zijn eigen atelier in de schuur “. Hij heeft daarnaast een sterke verbeeldingskracht en heeft de beschikking over een reservoir vol originele ideeën. De tentoonstelling in Hilvarenbeek greep terug naar de oorsprong van het carnaval. Het woord carnaval zou ontstaan zijn uit het woord “ Carrus Navalis “ ( = scheepskar ). Met de scheepskar reden de Oude Grieken al in een optocht als aankondiging van het lentefeest. Het was tevens de voorloper van de vooral in Limburg bekende ‘ Blauwe Schuit ’. Het idee kreeg onderweg naar huis reeds gestalte. Het moest dus een schip worden met de naam “ Carrus Navalis “. Velen zullen zich dit gigantische bouwwerk nog herinneren. Op het schip bevonden zich een aantal carnavaleske zeelieden, die het thema ‘Vatte wè ge kraige kan’ uitbeelden. Een robuuste, gespierde piraat maakte een overrompelende indruk op het talrijke publiek. Er zijn van ‘Carrus Navalis’ foto’s waarop het lijkt alsof hij door een zee van mensen vaart. Voor bouwers van carnavalswagens is dit een heerlijk gevoel. De beroemde piraat op dit schip is verkocht aan een club uit Hoeven. Hij werd in een grote vrachtwagen gewrongen echter pas nadat zijn armen er vanaf waren geslepen.

1985

De Koets

Op zondagmorgen 17 februari komt Bert van den Kieboom uit de kerk gekuierd en loopt een winderig en koud Heereplein op. Zijn verbazing is groot als hij in de verte voor de deur van slagerij Loonen zichzelf ziet, levensgroot uitgebeeld op de wagen van De Faant. Die wilde hem graag op die manier eren voor 10 jaar Prins Bert I van het Faantelaand. ‘Ik zag meteen dat ik het was. Wat een eer’. Bert kijkt vol bewondering naar een van de meest gedenkwaardige wagens die de Faant ooit heeft gemaakt. Op de bok van de statige koets zitten Jan en Jo Kuipers, oprichters van De Faant en het Veerse carnaval. Achterop een nar en een schaars geklede jeugdige dame, de toekomst verbeeldend. Een juweel van een wagen, tot stand gekomen onder barre omstandigheden. Het was een ouderwets strenge winter en de bouw stagneerde herhaaldelijk omdat de vorst in de lijm en het papier kroop, maar ook in de bouwers. Uren en uren loopt de altijd aanwezige en nooit versagende Toon van Strien met een bouwlamp van 1000 Watt langs de natte poppen. De kou was vooral nadelig voor het vervaardigen van de karikaturen van Prins Bert en het echtpaar Kuijpers. Pieter van Leeuwen bracht uitkomst. Hij stelde zijn garage op het Landonk beschikbaar en met een straalkacheltje zou het allemaal wel lukken. Bovendien zaten de bouwers dicht bij de koffie van Ien. In totaal zijn negen koppen al weken voor de echte optocht op een aanhangwagen door de straten gegaan. Jan, Jo en Bert werden met veel geduld geboetseerd, waarbij het gebeurde dat Jan, Jos en Paul Marcelissen elkaars werk zodanig bekritiseerden dat ze het papier er regelmatig afscheurden en weer opnieuw begonnen. In december werd de 50e carnavalspop gemaakt door de bouwploeg, dit werd in de schuur van Willem van Laarhoven met gebak en bij hoge uitzondering een kratje bier gevierd. Toen de optocht op het punt stond te vertrekken, kregen de bouwers wederom een groot compliment toen een kleinkind van Jan en Jo Kuijpers riep: ‘Kijk, opa en oma op de koets’ De Faant beleefde een groots lustrum met de derde eerste prijs in successie. Een jubileum dat eigenlijk een jaar later had moeten plaats vinden, maar de leden wilden zo dolgraag het 10-jarig bestaan vieren, dat men geen geduld had te wachten op het 11-jarig jubileum. Vier dagen na de optocht werd voor het eerst in 22 jaar de Elfstedentocht gereden. Dit zou zich een jaar later herhalen.


Foto's 1976
Foto's 1977
Foto's 1978
Foto's 1979
Foto's 1980
Foto's 1981
Foto's 1982
Foto's 1983
Foto's 1984
Foto's 1985


Delen

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!